Vorige week publiceerde ZorgVisie over een KPMG-rapport dat een sterk verband aantoont tussen de financiële positie van verpleeghuizen en de ervaren kwaliteit van zorg.

Het artikel is hier te vinden.

In het artikel wordt beschreven dat KPMG zelf niet diep in gaat op het verband wat er mogelijk is. Dat terwijl gezondheidseconoom Xander Koolman niet goed begrijpt waarom deze bevinding niet duidelijk naar voren wordt gebracht.

In ZorgVisie benoemt hij: ‘Onderzoekers kijken al vele jaren naar effecten van allerlei factoren op de ervaren kwaliteit. Meestal vinden we niets of geen relevante verschillen. In eerder onderzoek van de Vrije Universiteit, samen met de Celsus Academie, vonden wij een zwak verband tussen financiële gezondheid en patiëntenervaringen. Dat was enkele jaren geleden, toen de financiële problemen bij een deel van de huizen nog niet zo ernstig en langdurig waren. Zo’n sterk en betekenisvol effect als KPMG nu heeft gevonden, kom je zelden in onderzoek naar de kwaliteit van verpleeghuizen tegen. Ook KPMG vindt bij schaalgrootte en omvang van de overhead nauwelijks verband met de ervaren kwaliteit. Maar het geobserveerde verschil in tevredenheid van bewoners als gevolg van de variatie in financiële gezondheid maakt erg veel uit. Dat is vaak het verschil tussen klagende en tevreden bewoners en mantelzorgers, en uiteindelijk ook medewerkers.’

Voor Novire staat het vanuit haar talloze ervaringen in de praktijk als een paal boven water dat wanneer de businesscase van de organisatie niet vanuit de klant is opgebouwd, er uiteindelijk een enorm knelpunt ontstaat. De klant wordt de dupe en de medewerker zit knel tussen het goed willen doen voor de klant, maar de beperkte tijd die er is om de zorg uit te voeren.

Vanwege de afhankelijkheidspositie van klanten in de zorg is er wel een vertraging tussen het kunnen meten van de ervaren kwaliteit van de zorg, zoals klanten dit (willen en durven) aangeven én de daadwerkelijke kwaliteit die wordt geboden.

Het meten van de kwaliteit van zorg alleen op basis van klantwaardering is wat Novire betreft dan ook niet voldoende. Er is een meer gemêleerde set aan indicatoren nodig om de écht kwaliteit zichtbaar te maken. Om de werkelijke uitkomsten van de zorgverlening tastbaar te maken.

Esther Nieuwenhuizen reageert hier als volgt op:

"Mooi dat dit verband is aangetoond. Dat was voor ons 7 jaar geleden ook mede de aanleiding om het improvement model te ontwikkelen. We wilden bij het toetsen van kwaliteit ook inzoomen op de randvoorwaarden en de richting van het algemene beleid en bedrijfsvoering. Is die gebaseerd op het realiseren van de opdracht van de klant, of is het aanbod van de dienst, het product of activiteit leidend?"

"Dat is uitermate bepalend voor de bedrijfsvoering en wat er op de werkvloer gebeurt. En uiteraard wat de klant ervaart; wie of wat staat eigenlijk centraal en doe ik er werkelijk toe in dit verpleeghuis? Als zorgmedewerker heb ik vaak gehoord; 'de klant moet maar tevreden zijn, we kunnen geen 'ijzer met handen breken'.' En dat was nog ver voor de tijd van bezuinigingen!"

"Kortom, zijn zorgorganisaties op dit moment in staat zijn om de klantvraag te bedienen conform de standaarden? Waarschijnlijk lang niet elke organisatie, vanwege de scheefgroei in de sector, zeker ook bedrijfsmatig. Maar dat is (helaas) niet van de laatste 5 jaar. Het probleem ligt fundamenteler en is een erfenis van ongecontroleerde (t.o.v. levering aan de klant) budgetbekostiging. Geen accountant, keurmerk of andere toezichthouder heeft zich toch afgelopen decennia bekommerd om de klanteis? Of het geld echt op klantniveau besteed is? Of er over het geheel sprake is van een rendabele bedrijfsvoering? Of er initieel voldoende personeelsformatie is om de indicaties te kunnen leveren?"

"Wat dat betreft hebben we in de keten nog een hoop te winnen en met elkaar te verbeteren!"

Domino

Met het Improvement Model willen we als Novire hieraan onze steen bijdragen.

Meer informatie? Neem contact op met Novire via 033 277 99 77.