Hebben we in Nederland nu goede zorg of niet? Hoe doe we het in vergelijking met andere landen? Het ene onderzoek zegt dat we het relatief heel goed doen. Maar misschien is daar op af te dingen?

Extra middelen zonder verantwoording

In dit artikel in ZorgVisie wordt er nader op ingegaan. Het meest aangehaalde onderzoek waarbij Nederland hoog scoort is het EHCI-onderzoek. ZorgVisie schrijft daarover het volgende: 'Ik ben nog geen wetenschapper tegengekomen die het EHCI-onderzoek serieus neemt', zegt Michael van den Berg, die bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu de Nederlandse zorg vergelijkt met andere landen. 'Basis voor de ranking is een willekeurige lijst van veertig indicatoren. Zo is er voor de kwaliteit van de langdurige zorg maar één indicator: het aantal intramurale bedden. Ja, en dan springt Nederland als Europees kampioen intramurale zorg er goed uit. De kosten van de ouderenzorg lopen door het grote aantal bedden Europees uit de klauwen. Voor de VWS-bewindslieden is dit juist de aanleiding voor de stelselwijziging.'

Het ‘goed doen’ is meer dan alleen het zorgstelsel

In al deze lijstjes blijkt steeds weer: de positie op de lijst hangt niet alleen af van de kwaliteit van de zorg zelf, maar bijvoorbeeld ook van de levensverwachting. En niet in de laatste plaats van de verhouding van de prijs en de kwaliteit. Dan komen we minder hoog uit. ZorgVisie: 'Op de Bloomberg lijst, de lijst van het Amerikaanse onderzoeksbureau Bloomberg, met Singapore, Hong Kong en Italië als goud-, zilver- en brons-winnaars, staat Nederland nummer 40. Nipt voor België, maar wel achter Servië en Venezuela. Bloomberg zet de kosten van het zorgstelsel af tegen de opbrengsten: wat levert het geld dat in het systeem wordt gestopt nu op aan gezondheidswinst? Dat Nederland in deze lijst zo slecht scoort komt doordat onze zorguitgaven tot de hoogste van de wereld behoren. Alleen Amerika is verhoudingsgewijs duurder en staat op deze lijst dan ook op nummer 44.'

Een beter zorgstelsel

Gaat het ons met de huidige transitie lukken om een betere prijs-kwaliteitsverhouding te krijgen? Als we daarop een antwoord willen geven, moeten we terug naar de oorsprong van ons zorgstelsel. Esther Nieuwenhuizen licht dat toe: ‘Het is al jaren bekend (CPB) dat er maar matig gescoord wordt ten opzichte van Europese landen ten opzichte van hoge kosten en matig effect. In Nederland zijn er verreweg de meeste intramurale bedden. Simpelweg omdat we met de verzorgingsstaat een grote fout begaan zijn om het wonen en de service (in woonzorgcentra) publiek te gaan betalen als voorziening in plaats van het bij de uitkering te laten waarvan men zelf als burger blijft huren en het levensonderhoud. Dat heeft de zorgkosten enorm opgeblazen en vertekend. Want hoeveel procent is nu werkelijk zorg?’

We zullen dus eerst moeten kijken wat werkelijk zorg is. Dat is voor velen een spannende exercitie. Als Novire bemerken wij in het werkveld dat het voor velen té spannend is en we er dus voor weglopen. Want de confrontatie kon wel eens verlies opleveren. Een verlies want dan zou zorg misschien geen zorg meer zijn. Raak ik dan verworven rechten of zekerheid kwijt?

Denk andersom!

Novire kijkt er anders tegenaan. Denk andersom! Het is geen verlies. Het is pure winst. Wanneer je de patiënt weer gewoon als mens gaat zien, dan wordt hij of zij ook weer opnieuw consument. Op sociaal én economisch vlak is dat winst. We doen weer mee, we horen erbij én we kunnen weer zelf besluiten waaraan we ons geld willen uitgeven. Hebben we nu zorg nodig, dan krijgen we in veel gevallen een aanbod, waar we de hoofdprijs voor betalen, in bijvoorbeeld premies, inhoudingen en eigen bijdragen, maar waar we weinig tot geen invloed op hebben.

Voor zorgorganisaties van deze tijd ligt hier de kans. Hoe? Nieuwenhuizen verduidelijkt: ‘Heb lef en ontvlecht het intramurale integrale bedrijfsmodel met spoed en definitief! Burger betaalt zelf huur en service wat hij ook mankeert, ook al verblijft hij in een woonzorgcentrum. Het doel? Huidige woonzorgcentra nieuw leven inblazen met ruimte voor elke kwetsbare burger die wil verhuizen naar een beschermde woonomgeving. Of die mensen (nog) een verblijfsindicatie hebben of niet; wees creatief en regel meer flexibiliteit in door een gecombineerd businessmodel publiek en privaat.'

Nieuwenhuizen heeft tenslotte ook nog een tip: ‘Weet wel wat je doet en regel het juridisch goed af! Neem als bestuur het voortouw en laat woningbouwverenigingen eieren voor hun geld kiezen; of een nieuw contract met nieuwe huurprijzen en zaken doen met de burger of faillissement op korte termijn waardoor er slechts een verlies-verlies ontstaat en een grote kapitaalvernietiging.’

Meer weten? Laat je inspireren via ons kenniscentrum Novire.